Experimenteren: Hoe ontwerp je een experiment?

Je loopt ergens tegenaan en je krijgt een idee over hoe je dat anders en misschien wel beter kunt aanpakken. Met een experiment kun je iets nieuws uitproberen in de praktijk. En daar weer van leren. Met onderstaande acties ontwerp je je eigen experiment.

Actie 1: Bedenk een experiment

Waarmee wil je experimenteren om (een deel van) jouw leervraag te realiseren? Bedenk zoveel mogelijk opties. Doe dat het liefst samen met anderen. Schrijf ieder idee – hoe gek of klein ook – op. Kies daarna waar je mee start.

Actie 2: Omschrijf het gewenste resultaat

  • Wat wil je bereiken met het experiment? Maak onderscheid tussen de leeropbrengsten voor jou als professional en gewenste resultaten voor inwoners en/of cliënten.
  • Wat is in dit experiment nieuw voor jou? Hoe ga je daar mee om?
  • Hoe ga je uitproberen en leren vormgeven?
  • Werk toe naar een concreet resultaat. Denk bijvoorbeeld aan een filmpje, een top-10-aan-tips of een draaiboek waar collega’s ook gebruik van kunnen maken.

Actie 3: Bedenk wat en wie je nodig hebt

  • Bij ‘wat’ kun je denken aan randvoorwaarden als geld, tijd, goedkeuring van je werk- of opdrachtgever.
  • Bij ‘wie’ gaat het om een collega of inwoner met een kritische blik of met waardevolle ervaring. Wie kan jou feedback geven op jouw rol in het experiment? Met wie ga je straks reflecteren en een volgende stap zetten?

 Tips

Ondersteuning van collega’s helpt je om er een succesvol experiment van te maken. Bespreek het in een teamoverleg, informeer collega’s en trek samen op.

De kunst bij een experiment als ontwikkelactiviteit is om zowel aandacht te hebben voor de inhoudelijke resultaten als voor je leerresultaten. Formuleer voor beide realistische resultaten. Dan is de kans op succes groter en dat maakt leren leuk.